Omgevingswet pittige uitdaging voor hele overheid

Vanuit de gemeente Bodegaven-Reeuwijk ben ik sinds kort betrokken bij de omgevingswet. De wet heeft grote implicaties voor de manier waarop overheden werken. Zowel intern als met elkaar. De vraag waar welke overheid voor staat is waar het ambitieniveau ligt bij de invoering van deze wet.

Paul Weststeijn noemde de implementatie van de omgevingswet hier al de grootste wetgevingsoperatie die Nederland ooit gekend heeft. Het idee is dat er 26 wetten op het gebied van onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur opgaan in één wet over onze leefwereld. Naar verwachting treedt de wet in 2018 in werking.

De wet komt neer op anders omgaan met de leefomgeving. De omgevingswet maakt het onder andere verplicht om een omgevingsvisie te maken waarin rekening is gehouden met de verschillende belangen in een gebied. Dit geldt voor het Rijk, provincies en gemeenten. Nu wordt er vaak alleen over een deelproject besloten. Na de invoering moeten plannen samenhangend worden benaderd om versnippering tegen te gaan. Verder moet het na de invoering voor inwoners mogelijk zijn om één vergunning aan te vragen voor een project of activiteit op één plaats. Daarover moet vervolgens veel sneller worden beslist.

De bedoeling

De bedoeling sluit aan bij speerpunten in onze organisatie. Als gemeente proberen we versnippering tegen te gaan. Bestaande structuren, zoals afdelingen en functies zijn verdwenen uit onze organisatie, waardoor een verandering van denken ontstaat.  Zo ontstaat ruimte om vraagstukken daadkrachtig samen aan te pakken en tegelijkertijd werken we aan het vergroten van gezamenlijk inzicht en overzicht op een andere manier.

Het uitgangspunt van de omgevingswet is dat deze uitnodigt tot nieuwe initiatieven en ontwikkelingen en niet alles bij voorbaat dichttimmert. Dat sluit aan bij onze grondhouding, die er op neer komt dat we nooit ‘nee’ zeggen. Dit betekent niet dat we altijd ‘ja’ zeggen, maar wel dat we kiezen voor een open en onderzoekende attitude, waarbij het essentieel is om snel te kunnen en mogen handelen.

Implicaties

De bedoeling van de wet sluit dus aan bij onze organisatie en biedt kansen. Toch is de concretisering van deze wet niet gemakkelijk. Het gegeven dat plannen nu soms nog versnipperd zijn, toont aan dat het een pittige uitdaging wordt op een nieuwe manier te werken. Immers, als het simpel was om wel rekening te houden met alle belangen in een gebied, om te overleggen met ketenpartners en ook nog snel te beslissen, dan werd dat al wel gedaan. Dat zijn immers geen zaken waar je snel tegen bent. Het zijn volgens mij vooral zaken die niet gemakkelijk (tegelijk) te realiseren zijn. De implementatie van de wet vraag dan ook de nodige veranderingen op tal van beleidsterreinen en het beleid zelf moet anders tot stand komen. De wet vraagt verder afstemming tussen overheidslagen en het kan het nodig zijn dat werkprocessen totaal anders worden ingericht.

Uitdaging

Er komt dus een pittige uitdaging op ons af als ambtenaren. Veel organisaties zijn al aan de slag gegaan met de omgevingswet en staan daarin voor de keuze hoe ver ze als organisatie willen gaan met een verandering van de werkwijze. De wet kan adequaat ingevoerd worden op een minimaal niveau of er kan maximaal gebruik worden gemaakt van de ruimte die de wet biedt om anders te werken. Sommige overheden zullen er dus voor kiezen om zo min mogelijk aan te passen om te voldoen aan de wet, terwijl andere overheden hun organisatie vernieuwen en mogelijk zelfs reorganiseren. Hoe gaat jouw organisatie om met de omgevingswet? Het lijkt me interessant om samen als ambtenaren hier kennis te delen! Laat je reactie hieronder achter.

Puck van Tilburg

Bestuurskundige. Werkt als bestuursadviseur bij de Gemeente Bodegraven-Reeuwijk. Zit in het bestuur van FUTUR.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: