‘Wat je niet ziet, bestaat niet’. Zien ambtenaren misstanden wel?

Balans. Foto Mark RobinsonVriendjes benoemen. Pesten. Intimideren: misstanden komen in alle beroepsgroepen toe. Bij de overheid ziet een kwart van alle ambtenaren ze, maar het melden is nog altijd een lastige zaak. Zeker in tijden van crisis geldt het adagium: hou je gedeisd. Althans, als we Gjalt de Graaf mogen volgen. De onderzoeker van de Vrije Universiteit ondervroeg in opdracht van het Bureau Integriteitsbevordering Openbare Sector (BIOS) ruim zevenduizend ambtenaren en stelde vast dat een kwart van hen misstanden waarneemt. Zie dit bericht.

Een beetje integer bestaat niet

Hoe verstaan we deze uitkomsten? Eerdere studies van de leerstoel die vernoemd is naar wijlen minister Ien Dales (‘Een beetje integer bestaat niet’) lieten zien dat ambtenaren meer dan wie ook worden aangesproken op deugdelijk handelen. Het openbaar bestuur kent met oog hierop ook een scala aan checks and balances: wie bij de overheid werkt is zich niet alleen bewust van het belang van openheid, maar ook van openbaarheid, waarmee meer dan een recht of een plicht, een mentaliteit tot uitdrukking komt.

Onderzoeken op het vlak van de arbeidsmarkt bevestigen vervolgens dat de intrinsieke motivatie van beleidsmakers bij de overheid hiermee samenhangt: als je de publieke zaak dient, neem je transparantie van je handelen en verantwoording over wat je doet, meer dan serieus. In dat licht is de kans groot dat het percentage misstand-beluste ambtenaren veel hoger is dan één op de vier.

Fouten maken mag. Fouten verstoppen niet

Waar de gegevens op wijzen is vooral het kennelijk broze klimaat waarin ambtenaren wel of niet vermeende of concreet gesignaleerde misstanden manifest maken. Dat onduidelijkheid over je baan dan de gretigheid dempt om hieraan stem te geven, komt over als een open deur. Tegelijk daagt het uit na te denken hoe je in je eigen ambtelijke omgeving ruimte hebt, kunt en ook wilt creëren om misstanden te signaleren, ervaringen bespreekbaar te maken en vooral ook misstappen te kunnen melden. Want waar gehakt wordt, vallen spaanders.

Toen ik in 2012 voor mijn proefschrift onderzoek deed naar de wijze waarop beleidsmakers omgaan met het – onvermijdelijke – tegenspel bij omstreden opgaven, kwamen ‘ruimte voor reflectie’ en ‘sociale steun’ als twee krachtige hefbomen naar voren (zie www.genietenvanweerstand.nl). Fouten maken is niet erg, ze verstoppen wel, als je het openbaar bestuur dient.

Guido Rijnja

Guido Rijnja (1960) is coordinator algemeen communicatiebeleid bij de Rijksvoorlichtingsdienst. Geboeid door vakmanschap en zeker dat van denkers, durvers en doeners in en om het openbaar bestuur. Geraakt door vermogen van de overheid om met weerstand om te gaan: 'Wie ergens tegen is, is ook ergens voor'.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: