Wat is ambtelijk vakmanschap? Een verkenning

Sinds kort maak ik deel uit van het team ambtelijk vakmanschap van het ministerie van BZK. Ik heb in deze blog uitgelegd waarom BZK met dit onderwerp aan de slag gaat en ik heb proberen te schetsen wat er al allemaal gebeurt rond dat thema. Maar wat is ambtelijk vakmanschap eigenlijk en wat zijn ambtelijke waarden? Hieronder zal ik proberen om daar duidelijkheid over te geven en het belang te schetsen van dit onderwerp.

Welke waarden ambtenaren in hun dagelijks werk tegenkomen en belangrijk vinden en hoe ze omgaan met conflicten en dilemma’s daarin kan zeer verschillen: naar werksoort, naar type en opgave van de organisatie, maar ook tussen bestuurder, manager en medewerker en zelfs tussen twee personen met dezelfde functie. Wat is nu eigenlijk goed werk, wat maakt het werk van ambtenaren bijzonder en waarom is het belangrijk juist nu in ambtelijk vakmanschap te investeren?

Constateringen

Om daar een vinger achter te krijgen wil ik beginnen met drie constateringen over het ambtenaar zijn:

  1. Gemeenschappelijk: De overheid bestaat uit duizenden organisaties, waar honderdduizenden mensen werken. De diversiteit en veelkleurigheid van de overheid is enorm. De situaties waarin ambtenaren hun werk moeten verrichten steeds weer verschillend. Eigenlijk is iedereen in zijn werk uniek. Tegelijkertijd is er ook iets gemeenschappelijks. We zijn immers allemaal ambtenaar.
  2. Specifiek: Van elke werknemer wordt verwacht dat hij z’n werk goed doet en kennis van zaken heeft. We hebben het dus niet over inhoudelijk vakmanschap (bijv. dat een ingenieur weet hoe je een weg aanlegt) en ook niet over persoonlijke competenties. Ambtenaar zijn vraagt nog iets extra’s. Van een ingenieur bij Rijkswaterstaat verwachten we meer dan van een vakgenoot bij een bouwbedrijf.
  3. In verandering: Sinds Weber is er heel wat geschreven over de kwaliteit van het ambtelijk werk, maar de tijd staat niet stil. Paul ’t Hart heeft ’t zelfs over een versie 3.0 in het ambtelijk vakmanschap. Als de samenleving verandert, dan verandert het werk van ambtenaren en de omstandigheden waaronder dat werk plaatsvindt mee. Dat vraagt dus om vakmanschap dat bij de tijd is.

Kortom, het ambtelijk vakmanschap wordt gevormd door de gemeenschappelijke en unieke waarden van ambtenaren en deze waarden moeten actueel zijn en aangesloten op de samenleving.

Definities

Dus waar hebben we het dan over? Wat maakt het werk van ambtenaren bijzonder? Daar zijn heel veel definities over en woorden aan gewijd, maar enkele kernpunten zijn in ieder geval te benoemen. In meer of mindere mate geldt namelijk voor elke ambtenaar dat hij/zij:

  • dienstbaar is aan het algemeen belang,
  • acteert binnen een politiek/bestuurlijke context en
  • werkt met publieke middelen, zoals belastinggeld, premies en (persoons)informatie.

Good WorkDat geeft richting, maar laat nog veel ruimte voor interpretatie. De manier waarop je je werk doet is immers ook relevant. Om goed aan dat algemene belang te kunnen werken zijn de volgende principes dan ook aanvullend van belang:

  • Vakbekwaamheid: medewerkers hebben de benodigde kennis en vaardigheden om hun werk uitstekend te kunnen doen.
  • Ethiek: medewerkers nemen morele verantwoordelijkheid in het werk: ze willen in alle voorkomende situaties ‘het goede’ doen.
  • Bevlogenheid: medewerkers voelen zich verbonden met de organisatie en de opgave waarvoor ze werken, met het werk dat ze doen, en met hun inzetbaarheid en loopbaan.

Deze termen komen uit The Good Work Project van Howard Gardner (Harvard). En zo zijn er nog veel meer termen en definities toe te voegen. Het doel van deze blog is niet om zelf tot een eigen definiëring van ambtelijk vakmanschap te komen, maar om duidelijk te maken wat de context is van het onderwerp waar ik me mee bezig ga houden. Door naar het volgende aspect dus.

Dilemma’s

Ambtelijk vakmanschap betekent dus dat je je werk goed, betrokken en gewetensvol doet. Hoe dat eruit ziet verschilt echter per persoon en per keer. De uitdaging is om in het dagelijks werk betekenis te geven aan publieke waarden, deze om te zetten in resultaten die maatschappelijke meerwaarde opleveren en om te gaan met situaties waarin publieke waarden met elkaar botsen of met die van de omgeving. Ambtelijk vakmanschap is dus geen eisenlijst die je zo kunt afvinken. Het gaat om waarden.

Om als “publieke professional” te kunnen werken, moet je dus in staat zijn om ambtelijke waarden toe te passen in je werk. Het vraagt om afwegingen maken en omgaan met dilemma’s. Dat is wat we verwachten van ambtenaren. Als we het ambtelijk vakmanschap in Nederland willen versterken, dan moeten we dus niet alleen weten wat die waarden zijn, maar ook nadenken en spreken over het toepassen van die waarden in de praktijk. Er moet dus ruimte zijn voor reflectie.

Deze dilemma’s en uitdagingen komen in ieder geval op de volgende vier terreinen aan de oppervlakte:

  • De ambtenaar in relatie tot de maatschappij en de burger, bijvoorbeeld: Ambtenaren in de uitvoering krijgen in toenemende mate de bevoegdheid om ongelijke gevallen ongelijk te behandelen, om maatwerk te leveren. Wet- en regelgeving bieden ambtenaren dan weinig steun meer; willekeur ligt op de loer. Kiest een ambtenaar voor wat werkt, of voor wat rechtmatig is?
  • De ambtenaar in relatie tot zijn/haar bestuur, bijvoorbeeld: Wat te doen als een bewindspersoon zich bemoeit met individuele rechtszaken, tegen conclusies uit wetenschappelijk onderzoek ingaat of in de media informatie verschaft die niet spoort met de beschikbare feiten op het departement? Hoe ver ga je als ambtenaar in het (be)dienen van je bestuurder?
  • De ambtenaar in relatie tot de organisatie, bijvoorbeeld: Waar de samenleving vroeger georganiseerd was rondom organisaties is de individuele ambtenaar steeds vaker de schakel tussen maatschappij en organisatie. Organisaties moeten ambtenaren ondersteunen in die rol. Wat vraagt dat van organisaties en management qua leiderschap en leervermogen?
  • De ambtenaar als speler in het samenspel, bijvoorbeeld: Het traditionele beeld van de anonieme ambtenaar die hiërarchische opdrachten uitvoert wordt vervangen door die van de ondernemende ambtenaar die in cocreatie met partners maatschappelijke meerwaarde creëert. Die beweging legt meer verantwoordelijkheid bij individuele ambtenaren. Wat hebben zij nodig om die verantwoordelijkheid op te kunnen pakken?

Deze dilemma’s en deze relaties spelen niet voor elke ambtenaar in dezelfde mate, maar elke ambtenaar moet zich er wel rekenschap van geven. Ook hier geldt: geen afvinklijstjes, maar op basis van gemeenschappelijke principes je eigen positie bepalen.

Conclusie

Het werk van ambtenaren heeft enorm veel facetten. Tegelijkertijd is er in een gezamenlijke kern van wat ambtenaarschap inhoudt. De uitdaging rond ambtelijk vakmanschap is om de gemeenschappelijkheid te benoemen en tevens ruimte te laten voor de eigenheid, van de persoon en de situatie. Ambtelijk vakmanschap is niet te definiëren in één lijst met mooie termen, maar vraagt een ander soort aanpak. Welke aanpak dat is, daar zijn we nu over aan het nadenken. Heb jij een idee?

 

Davied van Berlo

Initiatiefnemer van Ambtenaar 2.0 en Pleio. Schrijver van de boeken "Ambtenaar 2.0", "Wij, de overheid" en "De Nieuwe Overheid". Redacteur van De Ambtenaar.

3 reacties

  1. Paul Weststeijn Paul Weststeijn schreef:

    Mooi betoog. Wat bedoel je precies met ‘aanpak’? Ambtelijk vakmanschap begint wat mij betreft in elk geval met een houding: er iets van willen maken. Voor de burger, voor het algemeen belang, voor je bewindspersoon. Dat vraagt behoorlijk wat van de ambtenaar en er komt razendveel bij kijken.

  2. Davied van Berlo schreef:

    De aanpak van het team waar ik deel van uitmaak. Dus wat wij gaan doen op basis van dit alles.

  1. 5 november 2015

    […] kort ben ik bij het ministerie van BZK bezig met het thema ambtelijk vakmanschap (zie deze blog en deze uitleg). Met een paar mensen gaan we kijken hoe we daarin het verschil kunnen maken te midden van alles […]

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: